laat me maar

Tis genne moet
Dit blog schreef ik drie jaar geleden na de sluiting van mijn haptotherapiepraktijk. Toen had ik nog geen idee dat er zoveel blogs zouden volgen, zeker niet dat ik ook over parkinson zou schrijven en ook niet dat ik mezelf haptocoach zou noemen en eenmalige sessies zou aanbieden. Deze tekst is toen niet op de site geplaatst. Durfde ik dat toen nog niet? Nu ontstaat zoetjesaan het idee om alle blogs in een boek te bundelen en te presenteren. Ik ben benieuwd welke titel te zijner tijd spontaan uit de bus komt. En het mooie is ‘tis genne moet”. Deze prachtige Brabantse uitspraak vormt voor mij een leidraad die ruimte biedt aan intrinsieke motivatie, aan verlangen, aan open ruimte over en weer en aan verrassende mogelijkheden. 

Affectieve communicatie.
Adesse Animo. Holding space. Secure base. Allemaal mooie begrippen voor in de kern vergelijkbare waarden bij affectieve communicatie. Volledig en levendig aanwezig en beschikbaar zijn vanuit evenwaardigheid. Open, eerlijk en zonder eigen agenda. En bovenal luisteren met geconcentreerde aandacht. Present, transparant en prudent aanwezig zijn zodat de ander zich in alle vrijheid kan tonen en ontplooien. Bij mijn eerste scheiding in letterlijk rond oud & nieuw schreven we op de nieuwjaarswenskaart aan familie en vrienden: door het oude los te laten ontstaat ruimte voor het nieuwe. Vertrouwend op een zin uit The Sound of Music: als god een deur sluit zet ze een raam open. Een praktijkvoorbeeld van liminal space.Ik had nog nooit een dag alleen gewoond. Werd volledig zelf verantwoordelijk voor alle vaste en variabele lasten. En ook op sociaal en werkgebied stond alles op zijn kop. Deze tussentijd begon op 1 januari 1990. Een liminal space is een grensgebied van het vertrouwde een naar het nog onbekende ander. Nu in mijn eigen situatie.

Tussengebied
Mijn haptotherapiepraktijk is eind februari 2023 gesloten en ik heb nog geen nieuwe tijdsinvulling. Een tussengebied dat ik ook open wil laten om te kijken wat er organisch ontstaat. Met vragen als: hoe blijf ik vitaal? En hoe zorg ik voor zingeving? Het doet me goed als anderen me laten in mijn overgangsproces. En vooral als ik mag vertellen en de ander welwillend luistert totdat ik verbaal en non-verbaal een punt zet. En niet meteen beginnen van ‘Je hebt het toch goed, geniet ervan!’. Of meteen met oplossingen en adviezen komen aandraven. Dan veer ik letterlijk en figuurlijk achteruit. Laat me mijn eigen gang maar gaan. Ik weet het nu niet maar ik vertrouw op een vitaal perspectief. Ik voel me in de rouw. Ik heb prachtig werk weliswaar vrijwillig maar toch gedag gezegd. Ik heb nog geen concrete nieuwe invulling. Steeds weer blijkt hoe lastig anderen het vinden om pijn en onzekerheid de ruimte te geven en te vertrouwen op het organisch proces dat juiste keuzes ontvouwt. Lastigheid mag er niet zijn. Kwetsbaarheid moet onder de mat blijven.

Holding Space / Secure base / Veilige haven
Holding space bieden betekent niet te veel of juist niet doen. En wel zachtmoedig ruimte bieden zodat kan ontstaat wat geleefd wil worden. Steeds weer afstemmen om een goede maatvoering te hanteren. En als emoties zich aandienen kunnen die in alle rust stromen totdat de stroom vanzelf beëindigt. Zonder drama zodat pijn van wat dan ook op een natuurlijke geheeld wordt. Bij holding space ben je toegewijd aan jezelf en dienstbaar aan de ander. Ik heb me bij nascholing en intervisie geregeld in een zeer veilige haven gevoeld. Mijn onhandigheid, mijn onzekerheid, mijn eigenheid… het kon en mocht er allemaal in volle glorie zijn. Ik hoefde me niet te schamen voor mijn gekte en kreeg ook geen schuldgevoel omdat ik het weer verkeerd had gezegd of te veel ruimte had ingenomen. Dat zijn voor mij fantastische leerscholing. Juist doordat mijn kwetsbaarheid alle ruimte kreeg kwam mijn kracht tevoorschijn.

De ander geeft niet thuis
De grootste pijn en eenzaamheid komt voort uit het gegeven dat mensen zich niet gehoord of gezien voelen. Je wilde toch zelf met pensioen? Je wilde toch zelf scheiden? Je wilde toch zelf verhuizen? Je wilde toch zelf met hem of haar? Klopt allemaal. Wil niet zeggen dat een verlies op welke manier dan ook niet pijnlijk kan zijn. Dat de verandering ook gepaard gaat met afscheid van al wat mooi en lelijk was. Ik kreeg vanmorgen nog een vraag voor begeleiding van een mevrouw die ik dolgraag zou begeleiden. Maar… mijn thuispraktijk is gesloten. Het besluit is genomen. Aan mij om de consequenties van mijn eerdere intentie vol te nemen. En nog een tijdje in de liminal space te vertoeven tot dat ik weer een stevige basis voel, zo voelt het goed, zo ga ik het doen.

Non-verbaal affectief bevestigen
Om je medemens non-verbaal affectief te bevestigen hoef je geen haptotherapeut te zijn. Het vraagt wel goede afstemming op het juiste moment en op een passend moment initiatief te nemen voor huid-op-huid contact. En je te verzekeren van consent voor aanraking, een knuffel of een hug. Door zelf een stevige basis te voelen kun je een anker zijn voor de ander die door woelige baren haar weg zoekt. De ander nabij zijn, tranen laten stromen, woede laten razen, angst laten bibberen totdat het genoeg blijkt en weer wegebt. En steeds blijven voelen af de mate van nabijheid klopt voor jezelf en voor de ander. Het doseren van lijfelijk contact en aanraking vraagt precisie.

Radicale zelfzorg
Als je echt dienstbaar wil zijn aan de ander vraagt dat allereerst radicale zelfzorg. Je dient goed uitgerust te zijn, je eigen shit zoveel mogelijk opgeruimd te hebben en voelbaar ruimte te hebben voor de ander. Je voelt je eigen rugleuning en neemt van daaruit jezelf en de ander waar. Gelukkig heb ik een lieve en wijze partner, een rijk familienetwerk en een professioneel netwerk om op terug te vallen. Je hoeft niet altijd aardig te blijven. Zorg op tijd voor heldere grenzen. De kunst is jezelf zo gauw mogelijk te genezen van behaagziekte. Zelfzorg brengt een helder hoofd, een warm hart en een soepel lijf en van daaruit ruimte voor de ander. 

Holding space kapen
Het tegenovergestelde van holding space houden is holding space kapen. In plaats van ondersteunen zonder advies te geven of de uitkomst te bepalen, kaap je holding space als je manipuleert, je oordeel oplegt of controle uitoefent. Er valt nog veel te leren en te ontwikkelen op het gebied van communicatie. Manipuleren, veroordelen, roddelen, controleren, overnemen met eigen verhalen, ‘heb ik ook maar dan erger’, onderbreken, geheimen doorvertellen, mansplaining, jaloezie, bemoeizucht, overbezorgdheid, enzovoort. En weer hou je je in wat die ander heeft het immers emotioneel, financieel of relationeel zwaarder. En dan sta je weer in de kou. AU. En het basale dat elk mens nodig heeft en goed doet is onvoorwaardelijke liefde.

Het echte werk aandurven
Dat betekent in een overgangsproces je licht laten schijnen op de schaduw. De deur naar de donkere kamer openen. Geen spirituele mooipraterij, die helpt averechts. De enige weg is niet er omheen maar er doorheen. Wat het ook is. Een paar weken na mijn pensioendatum werd ik fysiek ziek.
Ik liep letterlijk leeg. De nog niet geheel geleegde innerlijke beerput werd in alle hoeken en gaten schoongespoeld. Mijn man had me nog nooit zo ziek meegemaakt. Ik wist tijdens die narigheid nog in een klein hoekje, dit moet gewoon gebeuren hoe akelig en pijnlijk het ook voelt. Nu zijn er geen afspraken, klanten, mails die urgentie vragen die voor afleiding van ongemak zorgen. Nee, alleen maar een lege agenda en mijn lijf dat ongenadig van zich liet horen.

Laat me maar even
Benieuwd wat deze tussentijd me gaat brengen mak ik en pas op de plaats. Waarvoor kom ik straks spontaan uit mijn stoel? Welk vitaal perspectief schuilt al in me en mag letterlijk ontdekt en ontwikkeld worden? Voor nu, laat me maar even verwijlen in het tussengebied, het komt vast goed. Vandaag hoef ik niet niet te weten. Ik vertrouw op mijn wijze lijf als richtinggevend kompas. Mijn grote kunst is het nu niet te weten en de boel de boel te laten. Ik sluit dit blog af met dit mooie verhaal over de bloembol dat ik talloze keren aan cliënten meegaf en nu voor mezelf actueel is.

 

๐ŸŒบ๐ŸŒธ๐ŸŒบ๐ŸŒธ๐ŸŒบ๐ŸŒธ๐ŸŒบ๐ŸŒธ๐ŸŒบ๐ŸŒธ๐ŸŒบ๐ŸŒธ๐ŸŒบ๐ŸŒธ๐ŸŒบ๐ŸŒธ๐ŸŒบ๐ŸŒธ๐ŸŒบ๐ŸŒธ๐ŸŒบ๐ŸŒธ๐ŸŒบ๐ŸŒธ๐ŸŒบ๐ŸŒธ๐ŸŒบ๐ŸŒธ๐ŸŒบ๐ŸŒธ๐ŸŒบ๐ŸŒธ

De bloembol

Stel je voor een bloembol, voordat die de grond in gaat.
Een gesloten wereldje, droog en licht van gewicht.
Is het dood? Is het levend? Meestal op een donkere plek bewaard.
En dan wordt die bol in een kuiltje in de grond gestopt.
Maandenlang onder de grond, bedekt door de aarde, die nat wordt, droog wordt,
soms bevriest, soms door sneeuw bedekt.
En in het donker daar in aarde is iets gaande; is het een rijpingsproces?
Een proces van heel langzaam verzamelen?
Het heeft iets van afzondering, van je terugtrekken, er even niet zijn.
Het lijkt wel alsof er niets gebeurt onder die deken van aarde.
Wat is het precies,… slapen? Uithouden? Wachten?
Dat donker lijkt nodig om wortel te zetten, om wortels te laten groeien,
de voedzame aarde in. Groeien, niet omhoog, maar de diepte in.

De dag en nacht gaan eroverheen, een herhaling.
De zon die de aarde, waarin de bol zich verbergt, verwarmt.
Dan weer de kille nacht en de wind die de aarde droog blaast.
Er komt een moment dat de bol uit zijn velletje barst.
Is het de droogte, de warmte, is de bol door al die voeding uit zijn kleren gebarsten?
De schil barst, en een lichte spriet vecht zicht naar boven,
duwt tegen de aarde, doet de aarde breken; Zo’ n stille kracht.
Je ziet de steel boven de grond komen, stoer overeind bij regen en wind, soms mee buigend.
En in die steel wordt de knop steeds meer zichtbaar,
dikker en dikker totdat de bloem langzaam open gaat, een soort coming out.
Bloemblaadjes die steeds meer kleur krijgen, en zich openen voor het licht en de warmte.

Als het in het begin slapen in het donker was, is het nu stralen in het licht.
Met geuren die vlinders en bijen aantrekken, drukbezocht, de één komt, de ander gaat.
Maar ook een soort inkeer, bij het avondlicht, als de blaadjes zich weer sluiten.
Totdat de bladeren slapper worden, rimpeliger, en eerste blad uitvalt, een tweede.
Een bloem die haar blaadjes teruggeeft aan de aarde, de aarde waaruit de bol zoveel opgenomen heeft. Een bloem die ruimte lijkt te maken, zodat iets anders opbloeien kan.
Verkleurd in de zon, verdroogd, liggen die blaadjes daar,
een steel die gelig omlaag hangt, om zelf voedsel te worden in de aarde,
voedsel door de natuur.

 

La Verna 1998

 

Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.