Affectieve bevestiging Ik schrijf blogs voor en over volwassenen die allemaal ooit kind waren. Als kindje ben je nog volledig afhankelijk van anderen die voor jouw behoeften zorgen. Kinderen gedijen erbij als mama en papa tijd en ruimte maken voor hun dochter of zoon. Dat ze hun onvoorwaardelijke liefde tonen, volle aandacht hebben en waarneembaar betrokken zijn. Ook dat er ouders of verzorgers beschikbaar zijn zodat het kind bij pijn en verdriet bij hen terecht kan. Waar het kind welkom is op een zachte schoot of gespreide armen tot het zelf aangeeft dat het genoeg is. Waar het kind zich gezien, getroost en begrepen weet. In zachte woorden, warm oogcontact en vooral ook in teder lijfelijk contact. Kortom, door wat in de haptonomie affectieve bevestiging wordt genoemd. En ouders tonen evengoed hun liefde door duidelijke grenzen aan te geven ter bescherming van het kind. Daardoor voelt het kind zich veilig, ervaart het dat haar eigenheid er helemaal mag zijn en leert het kind passend bij de leeftijd voor zichzelf te zorgen.


Trouw aan jezelf Lang niet iedereen groeit zo veilig gehecht op, zoals dat in therapieland wordt genoemd, als hierboven beschreven. Veel mensen ervaren bewust of onbewust een affectief gemis. Een consequentie hiervan kan zijn dat je moeite hebt met JA zeggen tegen jezelf en NEE tegen de ander. Dat je het lastig vindt om op tijd gezonde grenzen te stellen. En dat je te veel pikt en te veel slikt voor de lieve vrede waardoor de kans bestaat dat anderen misbruik maken van je ‘goeie gedrag’. Mogelijk ben je bang om degene die grensoverschrijdend gedrag vertoont te confronteren. Misschien ben je bang fysiek niet sterk genoeg te zijn. Of is de ander een invloedrijk persoon waar je tegenop kijkt of afhankelijk van bent. Of je hebt de ‘gebruiksaanwijzing’ van heldere boosheid uiten, meteen als grenzen overschreden worden, niet van huis uit meegekregen. Je hebt dit gewoonweg nog niet eigen gemaakt. Je voelt ook nog niet aan waar de grens ligt tussen wat voor jou wel pluis aanvoelt en wat niet.

  • Was er wel eens ruzie in het gezin?

  • Mocht jij boos zijn als kind?

  • Kun je voelen als je boos bent?

  • Voel(de) jij je veilig genoeg om boosheid te uiten?

  • Hoe werd of wordt er dan met je omgegaan?

Gezonde boosheid Boosheid is een emotie, een lijfelijke reactie op iets in de buitenwereld. Kennelijk gebeurt iets dat je niet zint. Je lijf komt automatisch in de vecht-stressreactie. Een oeroud overlevingsmechanisme. Als de irritatie die je voelt meteen en in de maat geuit wordt is er niets aan de hand. Je toont zelfrespect, gaat staan voor je eigen behoefte en maakt onomwonden duidelijk waar jouw grens ligt. Je geeft duidelijk aan dat je dit grensoverschrijdend gedrag niet pikt. Je zegt vrijuit wat je te zeggen hebt en slikt geen emoties of woorden in onder het motto ‘toe maar’ of ‘laat maar’ vanuit de gedachte ‘zo erg is het toch niet’. Die tijd is voorbij. Tijdige en duidelijke expressie voorkomt depressie!



Ingeslikte boosheid Van ingeslikte boosheid is sprake als je niet meteen gezegd hebt wat je te zeggen had. In veel gevallen kon dat ook niet omdat je er nog veel te jong en afhankelijk voor was. Onvrede en irritatie ervaar je lijfelijk onbewust, nemen alsmaar toe, maar gaan ondergronds, kruipen onder de huid. Boosheid wordt opgekropte woede die vast gaat zitten in je keel of ergens anders in je lijf. Er is ook een relatie met de gal. In het taalgebruik noemt men dat: je gal spugen, het komt mijn strot uit of je hebt iets op de lever. Als deze weggestopte energie vast blijft zitten kan het zelfs lijfelijke klachten geven. Bijvoorbeeld rugpijn, migraine of spijsverteringsproblemen. En dan voor de buitenwacht toch maar altijd aardig blijven. Helaas betaal je daar op den duur een forse prijs voor. En uit persoonlijke en praktijk ervaring weet ik dat onder boosheid meestal nog niet gekend en nog niet verteerd verdriet zit.


Alsnog uiten Als je boosheid voelt let dan eens op de signalen van je binnenwereld: welke beweging je lijf wil maken? Heb je de neiging om te slaan, te schreeuwen, te schoppen, te krassen of iets anders? Door contact te maken met je lijf krijg je van binnenuit antwoord op deze vraag. Mogelijk wil je die beweging ook maken. Houd daarbij jezelf, de ander en spullen heel.

Je lijfelijke signalen en innerlijke beweging serieus nemen, noem ik een vorm van zelfliefde. Emoties blijven niet langer onder de mat en vastzittende energie komt in beweging. Je hoeft iemand geen blauw oog te slaan of het servies aan diggelen te gooien. Als je toch voor dit laatste kiest zorg ervoor dat je jezelf of anderen niet beschadigt. Er zijn genoeg veilige manieren om opgekropte boosheid de ruimte te geven. Een stevige wandeling in het bos, schoppen tegen herfstblad. Moeder natuur ontvangt je ferme pas met mededogen. Zelf raak ik resterende boosheid kwijt door flink te trappen bij het roeien of fietsen. Ook krachtig krassen met potlood of ongegeneerd roepen wat je wilt roepen als je alleen thuis bent lucht op. Afijn, leef je op jouw eigen creatieve manier uit als jij niet langer wilt pikken en slikken wat niet bijdraagt aan je welzijn.


Pittige tante Jarenlang kreeg ik in werk of studie te horen dat ik zo braaf en bescheiden was. Sinds een tijdje word ik ook een pittige tante genoemd. Daar moest ik even aan wennen en beschouwde het later als een compliment. In de maat boosheid uiten was immers niet mijn sterkste kant. En als emoties intern hoog opgelopen zijn, dan kan die hele opgekropte boel er op de verkeerde plaats, bij de verkeerde persoon en op de verkeerde tijd tevoorschijn komen. Dat voelt niet lekker. Niet voor de gever en ook niet voor de ontvanger. En zeker als haptotherapeut was ik geregeld streng voor mezelf: ik moet als deskundige mijn emoties toch goed kunnen reguleren? waardoor ik onecht vriendelijk gedrag vertoonde en niet in praktijk bracht wat ik predik. Dit komt nog wel voor, ik ben net een mens.


Verbindende communicatie Als het je lukt om stil te zijn, vriendelijk tot jezelf te komen en deze vier vragen na te gaan, dan komt vaste energie in beweging en ontstaat daardoor vrije ruimte. Dan kun je met gevoel en verstand verticaal in verbinding zijn met jezelf. En je kunt open en eerlijk met de ander in contact blijven. Deze vier stappen kunnen je daarbij helpen:

1. Je begint met het in kaart brengen van wat feitelijk is gebeurd.

2. Dan kijk je welk gevoel hieraan gekoppeld is (bang, boos, blij of bedroefd).

3. En de belangrijkste vraag, welke behoefte van jou is (nog) niet vervuld?

4. Tot slot, kun je hier zelf voor zorgen of kun je iemand anders vragen?

Deze manier wordt ook wel geweldloze communicatie genoemd. Als deze benadering van Marshall Rosenberg meer toegepast wordt kan veel relatie-leed voorkomen worden. De ander direct beschuldigen is er dan niet meer bij. Je kijkt eerst naar jezelf en op deze manier komt er aandacht en respect voor elkaars behoeften. Daardoor komt steeds meer ruimte voor autonome vrijheid in liefdevolle verbinding.